De verwarrende betekenis achter te allen tijde

Tik te allen tijde in Google in, en de vraag ‘te allen tijde of ten alle tijden’ staat bijna bovenaan. Als klein Verhalenbekokstovertje stond deze woordcombinatie dan ook steevast met van die rode krullerige omlijning eronder op mijn scherm. ‘Te allen tijde’, zei Word dan. Waarop ik die verbetering weer lachend aan de kant schoof. Te allen tijde, dat kan toch niet? Maar toch is het zo.

De officiële betekenis van te allen tijde is op elk moment of altijd. Het is een zogenaamde staande uitdrukking: dit is een uitdrukking die door de jaren heen onveranderd is gebleven. Andere voorbeelden zijn ‘in groten getale’ of ‘in den beginne’. Bijzonder hé? Bij te allen tijde zijn de schrijfwijzen en naamvallen van weleer dus niet aangepast op het groene boekje anno nu. Kort gezegd: met te allen tijde proef je nog een stukje klassiek Nederlands!

Herkomst van te allen tijde

Te allen tijde is hiermee extra speciaal, want ieder woord ervan schrijf je tegenwoordig anders. Laten we daarom eens naar de herkomst kijken van alle drie de delen, om uit te vinden waarom de schrijfwijze zo bijzonder is!

Te
Waarom het ‘te’ is en niet ‘ten’? Dat komt omdat ‘ten’ een samensmelting is  van de bijwoorden ‘te’ of ‘tot’ met een lidwoord. Dus als je de, het of een er niet bij kunt denken, dan mag die -n weggelaten worden. Tot de allen tijde staat namelijk nog nét wat gekker.

Allen                  
De spellingsregels van nu stellen dat ‘allen’ enkel gebruikt mag worden (nu gaan we de technische kant op) als je het hebt over personen. Nu is tijd niet echt een persoon, dus waarom dan toch die -n? Waarschijnlijk komt dit omdat het een beetje gek is om een oude uitdrukking te analyseren met de taalregels van nu. In den ouden tijde plakte het Nederlands er voor bepaalde naamvallen er gewoon een -n aan!

Tijde
Dat tijde zo gek geschreven wordt, mogen we (net als allen, trouwens) wijten aan de aloude Latijnse taal. Bij hen bepaalde de naamval namelijk ook de spelling van het woord. Als slaaf de nominativus – het onderwerp – van de zin was, schreef je het als servus. Maar was het een meewerkend voorwerp, werd dit servo. In de zeventiende eeuw had onze eigen taal ook van deze gekke perikelen. ‘Tijde’ is tijd geschreven vanuit de derde naamval, oftewel het datief (dativus in het Latijn).  

Debuut in onze taal

Wanneer te allen tijde voor het eerst in de Nederlandse taal voorkwam? Dat is een mysterie die zelfs de Etymologiebank niet concreet op kan lossen. Ik kan je echter wel een indicatie geven.

‘Alle’ (of allen) komt al sinds de 10e eeuw in het oudnederlands voor. Ook tijd werd toen als ‘tit’ of ‘tide’ gebruikt. Variabele spellingen afhankelijk van de naamval, floreerden echter pas rond 1580. ‘Den tegenwoordigen tijdt’ (weer die -n!) zei men bijvoorbeeld in den zestiende eeuw. Ongetwijfeld dat te allen tijde toen ook zijn gezicht liet zien!

En nu nooit meer verkeerd schrijven, he?