De Duitse betekenis achter vernuftig

Het woord vernuftig, ik kan er maar geen genoeg van krijgen. Toen ik als klein Verhalenbekokstovertje begon met schrijven, heette een van mijn blog Vernuftige Verhaliteiten. Echt waar. Met goed recht ook: er huist een imposante geschiedenis achter deze combinatie van letters, die rijkt tot het begin van de Middeleeuwen.

Laten we echter bij het begin beginnen: de betekenis van vernuftig. In heel plat Nederlands is dit ‘slim bedacht’. Als in: wat een vernuftige gadget! Van Dale spreekt op zijn beurt van de betekenis ‘Met vernuft’. Veel saaier, maar wel belangrijker voor de herkomst.

Leuk feitje: de Nederlandse cultuur is wel van woorden die met handigheid of slimheid te maken hebben. Ingenieus, vindingrijk, inventief, doordacht of uitgekiend: er zijn maar weinig woorden die zoveel synoniemen hebben als vernuftig. Volgens het Puzzelwoordenboek heef ie er maarliefst negentien!

De herkomst van vernuftig

“Jetzt sei doch mal vernünftig!” (Wees toch eens verstandig!) Jawel, vernuftig wordt ook gebruikt in de Duitse taal, en kent hier zijn oorsprong. Het Nederlandse woord vernuftig ontleent zijn betekenis van ‘vernuft’, dat verstand betekent. Dit woord duikt al op in de 9e eeuw.

Vernuft komt namelijk van het Oudhoogduitse woord voor vernemen of begrijpen: firneman (spreek uit als: fir-neh-men). Oosthoogduits is een taal die in een groot gedeelte van het huidige Duitsland en een aantal omliggende gebieden (waaronder een deel van ons kikkerlandje) gesproken werd aan het begin van de Middeleeuwen, toen de Romeinen net hun biezen hadden gepakt. Van firneman brouwden zij het zelfstandig naamwoord ‘firnunft’ wat ‘het vernemen, het waarnemen met verstand’ betekent.

Dat wij Nederlanders dit woord overgenomen hebben komt vooral doordat er in de vroege middeleeuwen nog niet zoiets was als ‘Nederland’ of ‘Duitsland’, en de taalgrenzen wat vager waren. Dit blijkt bijvoorbeeld uit het ‘Middelnederduits’, een taal die in het noorden van het huidige Nederland en Duitsland gesproken werd. Deze verbasterde firnunft naar vornunft en later naar vernunft.

“Wat dat vernuft of die reden begripen can” noemt de Etymologiebank als de allereerste benoeming van dit woord in de Nederlandse taal. ‘Wat het verstand of de rede kan begrijpen’. Dit was in 1350. Het zou nog even duren voor de huidige betekenis bereikt werd, maar een begin was er!